SBM-2024

De SBM-2024 is het bouwbiologische beoordelingskader dat ik gebruik om meetresultaten in woon- en werkomgevingen te duiden,
met extra aandacht voor rustplaatsen en slaapruimtes.

Wat is de SBM-2024?

De SBM-2024 (Standard der Baubiologischen Messtechnik) is een bouwbiologische richtlijn van het Institut für Baubiologie + Nachhaltigkeit (IBN) in Duitsland. De richtlijn beschrijft hoe woon- en werkomgevingen beoordeeld kunnen worden op elektromagnetische velden en andere omgevingsfactoren die invloed kunnen hebben op het binnenmilieu.

De richtlijn is gebaseerd op peer-reviewed wetenschappelijke literatuur, klinische observaties en decennia aan meetervaring binnen de bouwbiologie. Het is geen wettelijke norm, maar een gezondheidsgericht beoordelingskader dat het voorzorgsprincipe toepast. Eerdere versies verschenen in 1992, 1997, 2003, 2008, 2015 en 2024.

Wat u aan de SBM-2024 heeft

Een meetwaarde op zichzelf zegt weinig. De kracht van de SBM-2024 is dat meetresultaten worden geplaatst in een helder referentiekader.
De richtlijn werkt met categorieën van geen belasting tot extreme belasting.
Daardoor wordt zichtbaar hoe een gemeten waarde zich verhoudt tot wat binnen de bouwbiologie als rustig, verhoogd of duidelijk belastend wordt gezien.

De nadruk ligt daarbij vooral op rustplaatsen en slaapruimtes. Dat zijn de plekken waar herstel plaatsvindt en waar langdurige blootstelling het meest relevant is.

Hieronder ziet u de kleurindeling van de SBM-2024 voor de belangrijkste elektromagnetische velden. Deze indeling wordt gebruikt om meetresultaten in woningen te duiden.

De categorie geen belasting (groen) wordt in de bouwbiologie gezien als streefwaarde voor slaapruimtes. Hogere categorieën geven aan dat verbetering wenselijk of noodzakelijk kan zijn.


SBM-2024 kleurindeling en referentiewaarden

Klik op de afbeelding om deze groter te bekijken.

Waarom is de SBM-2024 belangrijk?

De SBM-2024 wordt veel gebruikt binnen de bouwbiologie omdat de richtlijn de nadruk legt op een gezond binnenmilieu, met aandacht voor langdurige blootstelling.

Preventie en gezondheid, focus op langdurige blootstelling en herstel van rust in leef- en slaapruimtes.
Natuurlijke referenties, streefwaarden sluiten aan bij niveaus in natuurlijke omgevingen.
Actueel, periodieke updates op basis van onderzoek en praktijkdata.

De SBM-2024 vormt daarmee een brug tussen wetenschap, praktijk en voorzorg.

Wetenschappelijke achtergrond en relatie met EUROPAEM

De wetenschappelijke basis van veel SBM-waarden is grotendeels terug te vinden in de EUROPAEM EMF Guidelines,ee n peer-reviewed medisch-wetenschappelijke richtlijn gepubliceerd in Reviews on Environmental Health.
EUROPAEM bouwt voort op SBM-2015 en vormt een belangrijke onderbouwing van het bouwbiologische kader.

Waar EUROPAEM zich richt op artsen en gezondheidsprofessionals, vertaalt de SBM-2024 deze kennis naar de bouwbiologische praktijk met concrete beoordelingswaarden voor woningen, werkplekken en slaapruimtes.

In grote lijnen kan het onderscheid als volgt worden gezien:

  • EUROPAEM (2016), medisch kader, gericht op diagnose en behandeling van EMV-gerelateerde klachten.
  • SBM-2024 (IBN), bouwbiologisch kader, gericht op meten, interpreteren en verbeteren van binnenruimtes.
  • ICNIRP (2010 en 2020), internationale richtlijnen die de basis vormen voor wettelijke limieten, primair gericht op het voorkomen van acute fysiologische effecten.

De SBM-2024 kan daarmee worden gezien als een praktische toepassing van voorzorg in de leefomgeving.
Meer achtergrondinformatie vindt u via
buildingbiology.com.

ICNIRP en SBM-2024, verschil in uitgangspunt

In Europa zijn wettelijke blootstellingslimieten grotendeels gebaseerd op ICNIRP. Deze richtlijnen zijn ontworpen om acute effecten te voorkomen, zoals opwarming bij hoogfrequente velden of directe stimulatie van zenuwen en spieren bij laagfrequente velden.

De SBM-2024 hanteert een ander uitgangspunt. De focus ligt op langdurige blootstelling in woonomgevingen en op het bevorderen van rust en stabiliteit in het binnenmilieu. Daarom worden lagere referentiewaarden gehanteerd, met bijzondere aandacht voor slaapruimtes en gevoelige personen.

Kort samengevat:

  • ICNIRP is juridisch leidend en gericht op acute veiligheid.
  • De SBM-2024 is gezondheidsgericht en gebaseerd op voorzorg bij langdurige blootstelling.

Het ene kader vervangt het andere niet, maar ze hebben een verschillend doel.

Kennisplatform (Nederland) en SBM-2024

Het Nederlandse Kennisplatform Elektromagnetische Velden hanteert ICNIRP-limieten als basis en stelt dat onder die limieten geen bewezen gezondheidseffecten zijn aangetoond.
Tegelijk worden onzekerheden bij lage en langdurige blootstelling erkend, waardoor in sommige situaties voorzorgsbeleid wordt toegepast.

De SBM-2024 kiest expliciet voor lagere referentieniveaus vanuit het voorzorgsprincipe. Dat maakt de richtlijn vooral geschikt als u niet alleen wilt weten wat wettelijk is toegestaan, maar ook wat binnen de bouwbiologie als rustig en wenselijk wordt beschouwd in een woning.

Hoe past EMV Bewust de SBM-2024 toe?

Tijdens een meting worden veldsterktes eerst technisch vastgesteld. Daarna worden deze gespiegeld aan de referentiewaarden uit de SBM-2024.

Op basis daarvan volgt een praktische vertaling naar maatregelen die passen bij uw situatie. Het doel is niet om een woning theoretisch perfect te maken, maar om belasting te verminderen en te werken aan een stabieler en rustiger binnenmilieu.

Wilt u eerst begrijpen wat er precies wordt gemeten? Bekijk dan de pagina Wat is EMV?

Vragen over meetwaarden of uw situatie?

Neem gerust contact op. Dan kijk ik met u mee wat een meting of vervolgstap in uw situatie kan opleveren.

Neem contact op